Verbouwen
Samen verbouwen zonder elkaar achter het behang te plakken
Een nieuwe plek. Nieuwe plannen. Alleen al het moment waarop je samen de sleutel krijgt, voelt als het begin van een heel nieuw hoofdstuk. Je loopt door de kamers en ziet niet alleen hoe het nú is, maar vooral hoe het straks kan worden. Hier komt die muur eruit, daar maken we een nieuwe deur, deze doorgang gaat juist dicht… Je hoofd zit vol ideeën en enthousiasme. Totdat de verbouwing echt begint. Want ineens zit je niet meer samen gezellig plannen te maken aan de keukentafel, maar sta je tussen stof, puin, gereedschap en honderd beslissingen die allemaal nú genomen lijken te moeten worden. Ik (Aria) kreeg afgelopen dinsdag de sleutel van het nieuwe huis en wij zijn inmiddels volop aan het verbouwen. Muren eruit, deuren dichtmaken, nieuwe deuren creëren… en ja, daar komt behoorlijk wat bij kijken. Niet alleen lichamelijk, maar ook onderling. Want waar je normaal misschien prima langs kleine irritaties heen kunt stappen, kan tijdens zo’n verbouwing één verkeerde opmerking ineens genoeg zijn voor een flinke zucht, een kort antwoord of een discussie waarvan je achteraf denkt: Waar ging dit eigenlijk over? Over een deur? Serieus? En toch gebeurt het. Want blijkbaar is samen een huis verbouwen óók een uitstekende manier om te ontdekken hoe lang je lontje werkelijk is.
Waarom alles ineens voelt als: dit kan er óók nog wel bij…
Verbouwen vraagt ontzettend veel van je hoofd. Er moet voortdurend iets besloten worden. Waar komt dit? Hoe hoog moet dat? Doen we dit eerst of juist dat? Is dit wel recht? Hebben we genoeg materiaal? En wie gaat morgen eigenlijk naar de bouwmarkt… alweer? Ondertussen ben je lichamelijk moe, loopt je normale ritme anders en is er vaak weinig echte rust. Zelfs wanneer je 's avonds op de bank zit, ben je in gedachten misschien alweer bezig met de volgende muur die eruit moet. Je hoofd krijgt simpelweg minder ruimte om te herstellen. En juist dán lijken de dingen die normaal vervelend zijn ineens gigantisch.
Vanmorgen reed ik bijvoorbeeld een deuk in mijn auto... Niet omdat ik dacht: laat ik vandaag nog iets extra’s aan mijn lijst toevoegen, maar simpelweg omdat ik door een gigantisch slaaptekort niet scherp genoeg was. En dan is daar meteen die onmacht. Het is gebeurd. Je kunt het niet terugdraaien. Je weet rationeel: dit kan gebeuren. Maar gevoelsmatig denk je vooral: Waarom doe ik dit óók nog? Dit kan er helemaal niet óók nog eens bij. En precies dat woordje — ook — zegt eigenlijk alles. Want het gaat op zo’n moment niet alleen om die deuk. Het gaat om alles wat al op je schouders ligt. De verbouwing. De vermoeidheid. De beslissingen. Dingen die tegenzitten. Dingen die nog geregeld moeten worden. En dan komt er iets bij wat helemaal niet nodig voelde.
Daar kan boosheid uit ontstaan. Boosheid op jezelf. Teleurstelling. Misschien zelfs schaamte of dat stemmetje dat zegt: Hoe kun je nou zo stom zijn? En wanneer je hoofd al vol zit, kan zoiets ook makkelijk overslaan naar je partner. De één reageert vanuit frustratie, de ander vanuit bezorgdheid of irritatie, en voor je het weet ontstaat er een meningsverschil terwijl er eigenlijk vooral twee vermoeide mensen staan die allebei even niet weten waar ze hun spanning kwijt moeten.
Dat gevoel van onmacht is misschien wel één van de lastigste kanten van zo’n periode. Je kunt niet alles voorkomen. Je kunt niet alles repareren voordat het gebeurt. En je kunt ook niet even op pauze drukken totdat je weer uitgerust bent. Het leven gaat ondertussen gewoon door. Er komen onverwachte dingen tussendoor, er gaat iets kapot, iemand zegt iets verkeerd, een planning loopt anders of je maakt zelf een fout waar je normaal gesproken misschien veel makkelijker overheen zou stappen. Maar wanneer je emmer al tot de rand gevuld is, voelt één extra druppel ineens als een complete overstroming.
Soms gaat die irritatie helemaal niet alleen over die muur — of die deuk
Juist wanneer er veel druk ontstaat, kunnen automatische reacties sterker naar boven komen. Misschien merk je dat je alles onder controle wilt houden omdat het anders onrust geeft. Misschien wil je graag dat dingen precies goed gebeuren en vind je het moeilijk wanneer iemand het anders aanpakt dan jij. Of merk je dat je sneller het gevoel krijgt dat jij overal aan moet denken en alles op jouw schouders terechtkomt. Andersom kan het ook zijn dat je juist dichtklapt wanneer er te veel van je gevraagd wordt, sneller geïrriteerd raakt of het liefst even helemaal nergens meer over wilt praten.
En soms zit de grootste pijn niet eens in wat er gebeurd is, maar in wat je jezelf daarna vertelt. Waarom heb ik niet beter opgelet? Waarom kan ik dit er nou niet gewoon bij hebben? Waarom reageer ik zo fel? Waarom doe ik dit nou weer? Terwijl je misschien nauwelijks nog functioneert op voldoende slaap en al dagen of weken in een soort constante actiestand staat. Toch zijn we vaak veel harder voor onszelf dan voor iemand anders in precies dezelfde situatie.
Daar kunnen wij iets in betekenen. Niet door ervoor te zorgen dat je vanaf morgen fluitend door iedere verbouwing heen gaat, nooit meer een fout maakt en altijd rustig blijft wanneer er iets tegenzit — dat zou nogal een belofte zijn. Wel door te kijken naar wat er onder die spanning, boosheid en zelfkritiek zit. Waarom schiet je zo snel in frustratie? Waarom voelt één fout meteen als bewijs dat je het niet goed doet? Waarom blijft dat gevoel van onmacht zo lang hangen?
Wanneer je meer rust en ruimte in jezelf ervaart, hoeft niet iedere tegenvaller zich bovenop de rest te stapelen. Een fout kan dan weer gewoon een fout worden. Iets vervelends kan vervelend zijn zonder dat het meteen voelt alsof alles instort. En misschien nog belangrijker: je hoeft jezelf niet óók nog eens af te straffen voor het feit dat je moe, overprikkeld of gefrustreerd bent. Juist daar ontstaat vaak ruimte om weer anders naar jezelf én naar je partner te kijken.
Uiteindelijk zijn jullie niet tegen elkaar aan het verbouwen, maar mét elkaar
Tussen al het stof, gereedschap, slaaptekort en onverwachte gedoe door is het soms goed om jezelf eraan te herinneren waarom je hier überhaupt aan begonnen bent. Niet om ruzie te maken over waar een deur precies moet komen. Niet om elkaar de schuld te geven wanneer iets misgaat. En ook niet om jezelf af te rekenen op ieder moment waarop je even niet op je best bent.
Jullie zijn samen iets aan het creëren. Een plek die straks van jullie wordt. Waar herinneringen gaan ontstaan, waar je thuis wilt komen en waar je waarschijnlijk over een tijdje terugkijkt op deze periode en denkt: Weet je nog hoe compleet gesloopt we toen waren? Misschien kun je er dan zelfs om lachen. Nu waarschijnlijk nog niet altijd — en dat hoeft ook niet.
Samen door zo’n intensieve periode komen betekent niet dat je iedere discussie moet voorkomen. Soms ben je gewoon boos. Soms voel je je machteloos. Soms zegt één van jullie iets wat net verkeerd valt. En soms baal je zó van jezelf dat je eigenlijk vooral iemand nodig hebt die zegt: Ja, het is ontzettend balen. Maar het is gebeurd. We lossen het wel op.
Misschien zit daar uiteindelijk ook een belangrijke les in. Niet alles hoeft perfect te gaan om samen iets moois op te bouwen. Een relatie hoeft niet stressvrij te zijn om sterk te zijn. Het gaat er vooral om dat je elkaar weer kunt vinden wanneer je elkaar even kwijt bent. Dat je kunt herkennen dat jullie niet tegenover elkaar staan, maar samen tegenover een periode staan die simpelweg heel veel van jullie vraagt.
Want net als bij een verbouwing moet er soms eerst iets worden opengebroken voordat er ruimte ontstaat voor iets nieuws. Soms is het rommelig. Soms gaat er iets mis. Soms komt er iets bij waarvan je denkt: Dit kon er écht niet meer bij. Maar uiteindelijk kan er, tussen al die frustratie en onmacht door, ook iets ontstaan wat sterker is dan daarvoor.
Merk jij dat stress, frustratie, onmacht of een kort lontje steeds vaker tussen jou en je partner in komt te staan? Of herken je dat je jezelf na iedere fout of tegenvaller genadeloos afrekent? Dan kan het waardevol zijn om eens te kijken naar wat er onder die spanning zit. Neem gerust contact met ons, om te kijken wat de mogelijkheden zijn.
